Category Archives: Advendo

Chances met Changes

Chances met ChangesIk moet toegeven: de biertjes smaakten lekker na onze prachtige score en onze voorlopige eerste plaats op het onderdeel marsparade. We hadden de eerste ‘hobbel’ genomen en dat voelde goed. Onder het genot van een pilsje en snackjes (aangeboden door de instructie) bekeken we de marsparade op een groot beamerscherm terug. Machtig.

Toch lag ik vrij vroeg op bed. En meer mensen met mij. Zondag moesten we namelijk onze show ‘Changes’ lopen in het Parkstad Limburg Stadion. En we hadden een appeltje te schillen met de score van vier jaar geleden. Toen werden we met 89,05 punten naar huis gestuurd en dat voelde slecht. Heel slecht.

De dag begon met een showanalyse, waarna we weer naar de voetbalvelden gingen om de meest onzekere figuraties nog een aantal keren door te nemen. Heerlijk voelde dat. Het waren exact de dingen waar ik nog onzeker over was, die nu doorgenomen en uitgelegd werden. Na anderhalf uur stopten we er mee. We waren er klaar voor. Uitgeoefend. Changes was af.

Om iets voor vieren stelden we op in de catacomben. We zagen Pasveer nog net afmarcheren, waarna er een korte pauze volgde. Hierna was het onze beurt.

Showtime.

Hoewel ik niet altijd een goed gevoel bij opmars had, ging het publiek al uit zijn dak. De draaiende lijnen waar uiteindelijk de slagwerkers tussen kwamen te staan, stonden als een huis.

Tijdens de show kregen we erg veel respons van het publiek. Niet alleen tijdens ingebouwde ‘applausmomenten’, maar ook tijdens figuraties die mooi afgewerkt werden. Het crowdsurfen van een van onze snaredrummers ging perfect en ook het meezingen van Hey Jude klonk mooi. Toen ik mezelf op de laatste lange lijn zette, m’n laatste pas deed, was ik nog vrij nuchter. Maar wat het publiek toen deed, was onbeschrijfelijk.

Mensen gingen staan, juichten. Onze instructie applaudisseerden met hun handen ver boven hun hoofd. Sterker nog, één instructielid stond te snikken. Er ging een collectief ‘We want more’ van links naar rechts en van rechts naar links door het stadion. Onze show sloeg in als een bom en ik had stiekem op het veld al een beetje de tranen in m’n ogen.

We marcheerden af met een reprise van Hey Jude en het publiek, dat nog steeds stond, zong mee. Eenmaal buiten het stadion was de ontlading nog vele malen groter dan na de marsparade. Wij hadden indruk achtergelaten bij het publiek, maar het publiek had bij ons ook diepe indruk gemaakt.

Ik was een beetje van het padje. Als een kind heb ik lopen janken bij een van de trombonisten van het korps. Voor mijn gevoel had ik zelden zo’n goeie show gelopen en de mensen in het stadion smulden ervan. Voor het beschrijven van die ervaring is taal te beperkt.

Toen de tranen gedroogd waren en we de eerste verslagen en foto’s op internet hadden kunnen lezen en bekijken, ruimden we onze instrumenten op en namen we nog heel even rust. Anderhalf uur later stelden we –samen met een delegatie van Jong Advendo- op voor de prijsuitreiking. Jong Advendo kwam hun wimpel ophalen die ze in het eerste weekend al met meer dan 90 punten hadden geprolongeerd.

Tijdens de prijsuitreiking werd als vierde korps Takostu opgenoemd, waarna wij uit ons dak gingen omdat we het marsparadevaandel hadden binnengesleept. Niet heel veel later klonk weer de befaamde zin met een strenge stem door het stadion. ,,Show, World division. Drum- en showfanafare Advendo Sneek, Nederland…” ,,89,…” De rest heb ik niet eens meer gehoord.

Het voelde als een enorme teleurstelling. Het boegeroep en fluitconcert dat van de tribunes kwam, gaf dan wel weer een goed gevoel. Maandenlang hebben we zo hard gewerkt aan een product waarin we steeds meer begonnen te geloven. Sommigen noemde het de mooiste show die Advendo in tijden liep. Voor ons gevoel hadden we chances met Changes.

We kwamen met een missie. Er moest korte metten gemaakt worden met de score van vier jaar geleden en daar zijn we met 89,41 punten niet in geslaagd. We gingen voor changes, verandering -ook wat betreft de score- en dat was niet gelukt. Het steekte.

Het gevoel van deze deceptie werd snel minder toen de vaandels werden uitgereikt en onze tamboermaître met de vlag van de marsparade onze kant op kwam.

Tijdens het afmarcheren deden we nog een kort showtje voor ons eigen publiek, waarna we onze laatste passen zetten op het heilige gras. Het WMC 2013 was ten einde. Bij onze bus werd een feestje gevierd. Iedereen wilde met het vaandel op de foto en collega-muzikanten kwamen ons feliciteren.

De strijd is gestreden. De prijzen zijn verdeeld en het WMC 2013 is geschiedenis.

Ik heb genoten van wat waarschijnlijk mijn laatste WMC als spelend lid is geweest en ik ben ongelooflijk trots dat ik dat met deze mooie vereniging heb mogen meemaken.

V.

Advendo wederom de beste op onderdeel marsparade

Vaandel wederom mee naar SneekWe namen ons vaandel van het onderdeel marsparade 2009 mee naar Kerkrade en plantten hem op de middenstip van het Parkstad Limburg Stadion. Zo voelde het. Na vier jaar onschendbaarheid mocht iedereen weer strijden om het felbegeerde vaandel. Vier jaar lang hebben we ons marsparadekampioen mogen noemen en er moest hard gewerkt worden om dat te verdedigen.

We vertrokken donderdagmorgen al naar Limburg om daar de laatste voorbereidingen te treffen. Op een voetbalveld vlak bij onze verblijfsaccommodatie zijn nog heel wat meters gemaakt, voordat we zaterdag het veld betraden om de marsparade te laten zien. We oefenden dansjes, namen de laatste kleine onzekerheden bij sommige figuraties weg en liepen hem nog een aantal keren door om routine te creëren.

Voor we het wisten stonden we in de catacomben van het stadion. Wetend dat er een massa van mensen op ons zat te wachten. Ik vind dat altijd een mooi moment. In 53 hoofden gaat exact hetzelfde om: de marsparade. Iedereen neemt het in gedachte nog één keer door, concentreert zich en komt strakker dan ooit in de houding.

Ikzelf heb de nacht ervoor en zaterdagmorgen ontelbare keren het moment doorgenomen dat ik in het laatste nummer naar voren loop, de tamboermaîtrestok aan het publiek laat zien, naar achteren loop en hem exact in het midden van het veld steek. Dat laatste is belangrijk, omdat het korps op het einde van de marsparade om die stok heen draait. Staat die niet in het midden, dan draait het korps dus over de lijnen heen en kunnen we ons vaandel van 2009 wel halfstok hangen.

Twee maten naar voren lopen, één maat stilstaan met de stok omhoog, twee maten naar achteren lopen, op het muzikale moment de stok in het veld prikken en met een achterwaartse draai aansluiten bij de rest van het slagwerk.

We liepen het stadion binnen en toen alleen de witte kolbak van onze tamboer-maître nog maar te zien was, ging het publiek uit zijn dak.

Showtime.

Ondanks de ongekende hitte op het veld liep de marsparade lekker. Het publiek ging wild op momenten dat ik het niet eens verwacht had. Wel lieten we hier en daar kleine steekjes vallen. Jammer, omdat bepaalde dingen tijdens de repetities juist wel goed gingen.

Het aftellen van het laatste nummer was door de slagwerkgroep niet goed te horen, waardoor we te laat begonnen met lopen. Daar ging mijn duizend keer doorgenomen kunstje dus.

Ik liep naar voren, hield de stok om hoog, liep naar achteren en prikte de stok in het veld. Ik had werkelijk geen idee of hij in het midden stond, en daar zou ik ook pas na anderhalve minuut achterkomen. Het hele nummer was ik een beetje misselijk. Toen we eenmaal rechts uit de flank gingen, zag ik ‘m staan. Een beetje scheef, maar keurig in het midden. Het korps draait er omheen, we vallen in onze eindpositie en het publiek laat een oorverdovend applaus horen.

Mensen gingen staan, floten op hun vingers, knikten een nee-gebaar van ongeloof. Man, wat voelde dat goed. Even later marcheerde we af en werden we het stadion uit gejoeld.

Buiten het stadion barstte iedereen in tranen uit. Dit moest hem zijn. De marsparade had ook niet een nummer langer moeten duren; mensen trilden op hun benen en stonden te hijgen. Helemaal leeg. Op. Alles gegeven.

Een paar uur later liepen we het veld op voor de prijsuitreiking. Dat is bijna nog spannender dan het lopen zelf.

De speaker riep ,,Drum- en showfanfare Advendo Sneek, Nederland…”. We hielden elkaars handen vast. Onze adem in. ,,91,90 punten”. Een prima score, maar of het genoeg zou zijn voor de overwinning? We klapten een beetje zenuwachtig in onze handen. Dit kon nog wel eens heel spannend worden.

Direct daarna werd onze grootste concurrent, Pasveer Leeuwarden, genoemd. Op het grote scherm verscheen een score van 91,36 punten. We gingen uit ons dak, vlogen elkaar in de armen en schreeuwden van geluk, wetend dat de overwinning heel dichtbij was.

Zondag traden alleen Takostu uit Stiens en een band uit Indonesië (uiteindelijk gediskwalificeerd) nog op. Takostu hebben we niet kunnen zien, maar de lovende reacties (ook van ons eigen publiek) en de verslagen op internet maakte indruk. Zouden de Stienser muzikanten als underdog het vaandel voor de neuzen van favorieten Advendo en Pasveer wegkapen? Het gebeurde niet. Hun marsparade werd beloond met ruim 88 punten, wat betekende dat Advendo wederom kampioen werd.

Maanden lang schrijven, bedenken, trainen, zweten en zwoegen met als resultaat dat we ons weer vier jaar de beste mogen noemen op het onderdeel marsparade.

In gedachte trok ik het vaandel van 2009 uit het zachte gras van het Roda JC stadion. Hij gaat weer veilig mee naar huis, en krijgt er een vriendje bij in het Advendo gebouw.

V.

P.s. Horen dat je de grootste concurrent (en overigens zeer gewaardeerde collega’s) hebt verslagen ziet er zo uit.

Embedly Powered

 

P.p.s. Morgen deel 2: de show

Jong Advendo schrijft clubgeschiedenis tijdens het WMC 2013

Foto: FacebookHet is een raar spelletje eigenlijk. Je traint je een jaar (of eigenlijk vier jaar) helemaal de rambam, om twee keer dertien minuten aan de jury en de korpsenwereld te laten zien wat je in je mars hebt.

En hard trainen, dat deden de jongens en meiden van Jong Advendo. Ze volbrachten maar liefst vier instructieweekenden en trainden in de weken voor het ODSC in Assen twee keer in de week. In de twee weken voorafgaand aan het WMC kwam de gehele trompetsectie iedere middag bijeen bij een seniorenlid, die ze hielp bij het perfectioneren van de partijen en met technieken als ademsteun.

De showgirls planden in de laatste week drie extra repetities op de ochtend. Dit betekende dat sommige leden drie keer per dag (!!) naar Advendo gingen.

Zondag 14 juli was de datum die al maanden met urgentie in de agenda van de leden, familieleden en supporters stond. Het moment van de waarheid. Het korps vertrok al om 04:45 uur richting Kerkrade, wij als supporters een kleine drie kwartier later.

Rond de klok van tien uur later arriveerden we bij het Parkstad Stadion Limburg, het stadion van voetbalclub Roda JC. Nu hoor ik veel mensen die vroegere WMC’s hebben gelopen over het mooie stadion Kaalheide, het oude stadion van de voetbalclub én dus het oude WMC-stadion. Het was knus, mooi. Een beetje romantisch, misschien wel. Het was hét WMC-stadion. Ik heb er nooit mogen lopen; in 1997 moedigde ik als 5-jarig jochie mijn drie zussen aan.

De verhalen zijn dus mooi, maar mijn gevoel ligt daar niet. Hét WMC-stadion voor mij is het Parkstad Limburg Stadion, en toen we arriveerden en ik het van gele stenen gebouwde strijdtoneel zag, werd ik in een fractie van een seconde zenuwachtig. Hier gaat het vandaag weer gebeuren. WMC 2013, het circus is weer begonnen.

Jong Advendo trad om 13:00 uur aan voor de marsparade. De meegereisde fans (een vak vol) joelden toen ze links in de hoek een witte kolbak signaleerde. Het ‘please start the show’ klonk door het stadion, waarna Jong Advendo aan haar marsparade ‘heartbeat’ begon.

Muzikaal klonk het geweldig. Een mooie volle sound schalde door het stadion, de muzikale momenten die ‘to the box’ werden gespeeld, werden gewaardeerd door het publiek. De richtingen konden hier en daar wat beter, scheve lijntjes werden niet flitsend snel weer recht gezet. Na dertien minuten stond het korps op de eindpositie en ging het publiek, niet alleen dat van Advendo, staan. Een marsparade van formaat.

De ontlading achteraf was groot. Er werden tranen gelaten in de armen van ouders, broers en zussen en uiteraard de collega muzikanten.

Een dikke drie uur later was het tijd voor de show, genaamd Just dance. Wederom klonk het muzikaal fantastisch. Toen het nummer ‘Private dancer’ aanbrak, werd het publiek op de zijtribune stil om de solo te kunnen horen. De brass werd toegevoegd en speelde het refrein to the box. Het publiek werd overspoeld met muziek. Mensen klapten, juichten, floten. Het kippenvel stond me torenhoog op m’n armen.

Na de show zat het erop voor Jong Advendo. Het zevenkoppige juryteam had de formulieren ingevuld en de bandjes ingesproken. Tijd voor de prijsuitreiking.

Als eerst werd de score voor de marsparade bekend gemaakt. Het Advendo-publiek werd muisstil en wachtte in spanning. Toen de speaker alleen de 9 nog maar had uitgesproken, ging iedereen uit z’n dak. Jong Advendo behaalde 90.73 punten, een gouden medaille met onderscheiding. De hoogste score die Jong Advendo in haar bestaan heeft behaald.

Daarna werd de waardering van de show bekend gemaakt. Ook daarop de hoogste score die Jong Advendo ooit behaalde: 88,46 punten. Het jeugdkorps behaalde met de marsparade tevens de hoogste score van de dag en nam daardoor de dagprijs, het befaamde gouden paukje, mee naar Sneek.

Een dikke twee uur later begon de terugreis naar Sneek, waarvan ik het eerste gedeelte stil was. Ik was een beetje van de leg. Jong Advendo, ons jeugdkorps, behaald meer dan 90 punten op de marsparade en dik 88 op de show. Ongelooflijk. Bereikt door enthousiasme, onvoorwaardelijke inzet en pure passie voor Advendo.

Ik heb er van genoten en heb diep respect voor de leden, instructie en alle mensen die dit voor elkaar hebben gebokst. Een grotere motivatie om de komende weken en uiteraard op 27 en 28 juli, als ikzelf met Advendo het heilige gras mag betreden, aan de bak te gaan is er niet.

Jong Advendo: jullie hebben clubgeschiedenis geschreven. Wees er onwijs trots op.

V.

 

 

Populair

Dit artikel is gepubliceerd in de Fortissimo van juli 2013.

Schermafbeelding 2013-07-05 om 19.12.28

Sinds jaar en dag heeft mijn vader de sleutel van het Advendo gebouw. Hij is lid van de materiaalcommissie en rijdt af en toe de instrumenten van de senioren naar de oefenlocaties. Vroeger, toen de timbales die ik toen bespeelde zwaarder waren dan ik, deed hij dat ook al. Wat hij niet weet, is dat hij mij er ongekend populair mee maakt.

Als we met Advendo terugkomen van een optreden, duiken een aantal leden nog wel eens het gebouw in. Onder het genot van de nodige pilsjes wordt dan ge(klaagd)praat over het optreden dat die middag of avond gelopen is. Over hoe de show ging. Over hoe de muziek klonk. En over hoeveel mooie vrouwen er langs de kant stonden.

Heel lang duurt dit meestal niet, waarna iedereen huiswaarts keert. Zonder tas. Zonder Koelbox. Zonder instrument. Én soms zonder fiets. Attributen die op de heenweg wel meegingen.

Als ik de volgende morgen wakker wordt, staat mijn telefoon roodgloeiend. Ik ben gesmst, gewhatsappt en zelfs gebeld. De eerste keer dat dat gebeurde raakte ik lichtelijk in paniek. Ik dacht dat er iets aan de hand was. Iets verschrikkelijks gebeurd was.

Is er iemand overleden? Heb ik rare dingen uitgevreten na iets te veel biertjes? Is de deur van het Advendo gebouw niet goed afgesloten, waardoor dieven makkelijk binnen konden komen en al het instrumentarium –en dat is dan nog niet eens het ergste- INCLUSIEF mijn cowbell mee konden nemen?

Alle belletjes bleken te gaan om het verkrijgen van de sleutel van Advendo gebouw om hun eigen koelbox en tas op te halen. Ik fungeerde de rest van de dag als uitgiftepunt van de sleutel van het Advendo gebouw. Ik voelde me een soort fietsenverhuurder die de hele dag sleutels uitreikt en in ontvangst neemt.

Hierop heb ik wat bedacht. Iets waardoor ik de volgende keer rustig verder kan slapen, zonder dat ik in de stress raak als ik op de door mijn nichtje opgefleurde iPhone-scherm kijk.

Voortaan ligt er onder iedere kliko bij het gebouw een sleutel. Bij de tweede ingang zit er vanaf de deur gezien, twee meter naar rechts een steen los; ook daar zit een sleutel onder. En voor de echte diehards ligt er een sleutel op het dak.

Knap ik op zondagmorgen nog even een spreekwoordelijk uiltje.

Welterusten.

V.

 

 

Tapangst

Er is niets lekkerder dan na een pittige muziekrepetitie, een lekker koud biertje drinken aan de bar van het Advendo gebouw. Voorheen schonk Advendo het Duitse biermerk Veltins, maar sinds een aantal maanden is deze tap vervangen door een bierkraan van Amstel. En om dit kwaliteit-biertje goed te kunnen tappen, kreeg het barteam van Advendo woensdagavond een vertegenwoordiger van Heineken (zelfde bedrijf als Amstel en Brand) op bezoek die ze de fijne kneepjes van het tappen bijbracht.

De beste man -gekleed in keurig overhemd, spijkerbroek en nette schoenen- liet eerst twee bedrijfsfilms zien. In deze films vertelde een lage, donkere stem hoe geweldig de drie bieren waren, hoe verschrikkelijk veel controles (15.000 per jaar)de brouwers doen om de kwaliteit te waarborgen en waar de ingrediënten vandaan komen.

Vooral bij het stukje film dat liet zien hoe de bierproevers te werk gingen, vierde het gevoel van jaloezie hoogtij onder de ruim twintig aanwezigen. Met open mond keek de zaal toe. Dat leek hun ook wel wat. ,,Maar”, waarschuwde de vertegenwoordiger, ,,je moet wel vroeg je bed uit, want bierproeven doe je ’s ochtends omdat dan je smaakpapillen op z’n best zijn.” Het merendeel van de zaal leek dat voor lief te nemen.

In de film kwamen ook zaken aan het licht die verklaarden waarom mensen de ochtend nadat ze een biertje in het Advendo gebouw hadden gedronken, zo’n enorme hoofdpijn hadden. Een aangebroken fust bier is ongekoeld namelijk drie dagen houdbaar. En dus niet twee en halve week.

Dan het tappen. Wie denkt dat tappen simpelweg het vullen van een glas met bier is, heeft het mis. Er zit een heuse techniek achter die met uiterste precisie en perfectie moet worden uitgevoerd.

De vertegenwoordiger drukte op de rode knop van de dvd-speler en de film stopte. Het was tijd voor het echte werk. Het tappen van een biertje bestaat uit zes stappen, namelijk: spoelen, koelen, uitlekken, de tapbeweging, afschuimen en presenteren.

De vertegenwoordiger pakte een glas en borstelde hem schoon in het (schone!) water dat in de wasbak zit. Daarna hield hij hem in de lucht en liet hij hem leegdruppen. Ondertussen keek hij of het glas schoon was. ,,Als het water over een soort filmlaagje uit het glas druipt, heb je te maken met een vetvrij glas. Je zult zien dat als je het schone glas bier leeg hebt gedronken, er ringen blijven staan waaraan je kan zien hoeveel slokken je hebt genomen.

Hierna zette hij het glas op een fonteintje in het aanrechtblad om het glas te koelen. Vervolgens zakte de man stijlvol door zijn knieën en in een vloeiende beweging hing hij het glas schuin onder de tap. Let op: eerst de kraan open en dan pas het glas eronder, om te voorkomen dat er een koolzuurprop in je bier verdwijnt.

Toen het vaasje bijna vol zat, hield hij het glas weer recht en sloot de kraan. Daarna zette hij het glas bier op de afdruipplaat. Niet onder de tap natuurlijk, want de druppels die nog uit het bierkraan komen, kunnen de schuimkraag aantasten. Als laatste handeling schoof hij het overtollige schuim van het biertje en zette hij het biertje –uiteraard met het logo naar de klant- op de bar.

Een goed getapt biertje heeft de juiste verhoudingen en een schuimkraag van maar liefst  256 seconden. En dat op de juiste manier tappen is de kroon op het werk van de brouwer. Het is eigenlijk uit respect van de brouwer.

Het was een confronterende avond. Een avond waar we erachter zijn gekomen dat we járen bedorven bier hebben geschonken (en gedronken), én de brouwers tot op het bot beledigt hebben.

Ik durf nooit meer een biertje te tappen. Bij mij zijn alleen flesjes en blikjes te verkrijgen. En om te verkomen dat ik bij het openen daarvan allerlei regeltjes overtreed, mag de klant dat lekker zelf doen.

V.

Get Adobe Flash player